De Kagols: Oostenrijkers in Boedapest
János Lőrinc Kargol werd op 6 juni 1867 geboren op huis nummer 57 in Wokowice, een dorpje naast Szczepanów, bij Brzesko in Galicië. Dat was toen het Poolse deel van Oostenrijk-Hongarije; nu ligt het in Zuid-Polen. Szczepanów is bekend als geboorteplaats van de heilige Stanislaus. Een dag later werd János in de kerk van Szczepanów gedoopt als Joannes Laurentius.
In Wokowice wemelde het van de Kargols: de naam komt in de kerkboeken honderden keren voor. De oudste sporen zijn een huwelijk in 1643 en het overlijden van "Maryna Gargol" in Wokowice in 1662. Rond 1700 woonde er ook een tak in het buurdorp Jadowniki. De familie van János woonde op huis nr. 57. Zijn betovergrootvader Casimir (Kazimierz) Kargol (ca. 1751–1815) is de oudste die we met zekerheid kunnen aanwijzen; hij kreeg met Agnieszka Grochola minstens negen kinderen. Verder terug gaat het (nog) niet: de doopboeken van Szczepanów beginnen pas in 1772, dus de doop van Casimir zelf is niet bewaard of niet online. Zijn zoon Simon (1779–1834) trouwde in 1806 met Catharina Lis. Simons zoon Wojciech trouwde op zijn negentiende en stierf al op zijn dertigste, in 1845. Vier jaar later stierven twee van Wojciechs kinderen kort na elkaar, in het jaar van de grote cholera-epidemie.
Het leven op nr. 57 was hard. De vader van János, Ferenc (Franciscus) Kargol (1836–1903), trouwde drie keer. Zijn eerste vrouw stierf in 1860; hun twee baby's waren toen al gestorven. Zijn tweede vrouw, Marianna Latocha, de moeder van János, stierf in april 1872, toen János vier was. Van haar vier kinderen werden er twee maar een paar maanden oud. Tien weken later trouwde Ferenc opnieuw, met Salomea Żurek. Ook van haar kinderen stierven de meesten jong.
Marianna was een buurmeisje: ze kwam van huis nr. 40 in Wokowice, waar de familie Latocha woonde. Haar moeder was op haar vijftiende getrouwd; haar grootvader Martinus Latocha stierf in hetzelfde cholerajaar 1849 als de twee Kargol-kinderen. Op de kadasterkaart van 1847 liggen de twee huizen zo'n 150 meter van elkaar, aan weerszijden van de beek. De families zaten nauw in elkaar: ook een zus en een broer van Marianna trouwden met een Kargol.
Waarom János vertrok, weten we niet. Veel jonge mannen uit het arme Galicië zochten toen werk elders. Als jonge man trok János naar Boedapest, dat toen razendsnel groeide. Hij werkte er als kőműves napszámos: een dagloner die metselaars hielp. Hongaar werd hij nooit. In 1899 staat hij nog ingeschreven als Oostenrijks onderdaan, met woonrecht in zijn geboortedorp. Zelfs op de geboorteakte van zijn zoon Miklós uit 1908 staat nog dat het kind "net als zijn vader Oostenrijks onderdaan uit Galicië" is.
Op 4 augustus 1895 trouwde hij in Boedapest met Zsuzsanna Savrnoch, een Slowaaks meisje uit Lúčky (Liptov) dat als kind met haar ouders naar Boedapest was gekomen. Ze kregen acht kinderen. Het gezin verhuisde vaak: van het 8e en 7e district naar Újpest, en rond 1908 naar Kispest. Dat was toen nog een aparte gemeente net buiten de stad. Een zoon noemden ze Szaniszló, de Hongaarse naam van Stanislaus, de heilige van het dorp van zijn vader. Drie kinderen stierven jong.
Rijk was het gezin niet. In 1911 zat Zsuzsanna vier maanden in de gevangenis, omdat ze had geholpen bij een diefstal. Het gevangenisregister geeft een zeldzaam beeld van haar: een kleine, stevige vrouw van 1,50 meter, met een rond gezicht, lichtbruin haar en blauwe ogen. Ze sprak Slowaaks, Hongaars en Duits, maar kon niet lezen of schrijven, en de proceskosten waren "niet te verhalen": er was niets te halen. Thuis in Kispest wachtten zes kinderen.
János stierf op 25 augustus 1936 in Kőbánya, het 10e district. Op zijn overlijdensakte staan nog de namen van zijn ouders uit Wokowice: Ferenc Kargol en Mária Latocha.
András werd op 7 maart 1901 geboren in de binnenstad. Hij werkte als hulparbeider (segédmunkás) en kon, anders dan zijn moeder, lezen en schrijven: onder zijn huwelijksakte staat zijn eigen handtekening "Kagól András". Op 5 januari 1926 trouwde hij met Mária Fridlik (1894–1961) uit Pilisszántó, een Slowaaks dorp vlak bij Boedapest; ze woonden toen allebei op Báthory utca 10. Later woonden ze in het 13e district, op Thälmann utca 41/b. Daar was Mária nog steeds zijn vrouw toen ze in mei 1961 aan een beroerte overleed. Wanneer András zelf stierf, is nog niet bekend. Hun dochter trouwde met László Bán.